Hout- en beenbewerker
Hout- en beenbewerker

De hout- en beenbewerker was een ambachtsman die kleine voorwerpen maakte van hout en dierenbot. Hij maakte bijvoorbeeld keukengerei, speelgoed, toiletartikelen en handwerkmaterialen. Hij gebruikte daarbij een bankschroef, een pompboor, een draaibank en allerlei messen en beitels.

Pompboor
Om gaten te maken in hout of been kon een pompboor gebruikt worden. Deze boor gaat, net als de draaibank, niet continu rond maar maakt een beweging heen en weer. De scherpe stalen punt maakt dan perfect ronde gaten wat ideaal is voor het fijne werk van de hout- en beenbewerker.

Draaibank
De hout- en beenbewerker gebruikt een draaibank in zijn ambacht. Via een trapper en een verende tak kan de draaibank aan de gang gehouden worden. De draaiing is niet continu, maar gaat wisselend voor- en achteruit. Met een draaibank is het eenvoudig om echt ronde voorwerpen te maken, zoals een handvat voor gereedschap of een tol.

Haalbank
De haalbank werkt als een soort middeleeuwse bankschroef. Door druk uit te oefenen met zijn voeten kan de hout- en beenbewerker zijn werkstuk stevig vast klemmen. Dan heeft hij beide handen vrij voor bijvoorbeeld een schaaf of haalmes.

Dobbelstenen
Gokken en dobbelen was in de middeleeuwen in veel steden verboden, er stonden dan ook hoge boeten op het bezit van dobbelstenen. Deze dobbelstenen van been zijn daarom zeer klein gemaakt, zodat zij makkelijk te verstoppen zijn. In noodgevallen kunnen zij zelfs ingeslikt worden, wat wellicht verklaard waarom zij soms in middeleeuwse beerputten (onder de WC) worden teruggevonden.

Volgende
/assets/img/tpl/no-image.png Wapenkamer Wapenkamer

Volg ons:

© 2019 Archeon, SERA Business Design